Sluiten
Dursy advies
Zoeken op trefwoord: Zoeken

Advies

Rhinopneumonie

Rhinopneumonie is een virusinfectie die verkoudheid/hoest, abortus en in uitzonderingsgevallen neurologische verschijnselen kan geven (verlamming). De veroorzaker: het Equine Herpes Virus (EHV) type 1 en 4, wordt vooral overgedragen door direct contact tussen paarden en door de overdracht van paard op paard via de mens. EHV-4 is verantwoordelijk voor luchtwegproblemen bij jonge paarden, EHV-1 voor abortus en de gevreesde verlammingsverschijnselen.

Eerste aanpak
Als u weet dat er een uitbraak van rhinopneumonie heerst, let dan goed op de volgende symptomen: sloomheid, hoesten, slecht eten, niet fit zijn, zwakte in de achterhand, coordinatie stoornissen enz. Neem bij twijfel 2x daags de temperatuur op en noteer deze. Als de temperatuur hoger is dan 38,6 graden, heeft uw paard koorts en dient u de dierenarts in te schakelen. Bij verdachte gevallen neemt uw dierenarts een bloed- en slijmmonster af.

Preventie
Voorkom contact met andere paarden en vermijd stressvolle situaties. Hygiëne is erg belangrijk; desinfecteer uw handen en kleding (of kleed u om) na contact met een ziek paard en vermijd contact met een geaborteerd veulen of vruchtvliezen. Alhoewel enting geen 100% bescherming biedt, geldt over het algemeen het volgende advies: zo snel mogelijk 1x enten, 3-4 weken later herhalen en daarna 2x per jaar enten. Hoogdrachtige merries die nog niet geent zijn, dienen zo snel mogelijk te worden ingeënt. Ter vermindering van de abortuskans moet in de 5e, 7e en de 9e maand van de dracht geënt worden. Te meer omdat de enting niet direct werkt, is het verstandig om het voer aan te vullen met kruiden en voedingsstoffen die de weerstandmechanismen direct en effectief ondersteunen, zoals D-Tox (10 dagen 50g) en Immu Liquid (5 dagen 50 ml en 10 dagen 25 ml). Geef uw paard rust en hou hem zeker tot 14 dagen na het laatst bekende rhino-geval goed in de gaten.